Blogverhalen
Verhalen over portretschilders, over technische aspecten van het portretschilderen, over bezochte tentoonstellingen en museums, over boeken die ik lees . . .
Waar techniek en creativiteit elkaar ontmoeten
Over de techniek van portretschilderen en de vrijheid die dan ontstaat
Veel cursisten komen binnen met de wens om vrijer, losser en creatiever te kunnen schilderen.
Vaak zijn ze dan verbaasd als ik ze zeg dat dat kan als ze tevens een goed fundament gaan leggen van de technische vaardigheden.
Voor mij horen die twee – techniek en creativiteit – onlosmakelijk bij elkaar. En die kunnen gelijktijdig groeien.
Ik leer ze de technische basis, maar het interne vuur kan ik niet geven, wel aanwakkeren.
Hoe beter je de techniek beheerst, hoe meer ruimte je krijgt om vrij te worden.
Het is inmiddels mijn motto geworden
Portrettekenen, een basis voor schilderen én een vak op zichzelf
Portrettekenen is een basis voor schilderen én een vak op zichzelf.
Introductie van mijn nieuwe cursus Portrettekenen met model!
In mijn nieuwe cursus Portrettekenen leer ik je stap voor stap het proces van een portret tekenen..
Niet vanuit haast, maar vanuit aandacht.
Niet vanuit trucjes, maar vanuit inzicht.
En het mooie is: portrettekenen is niet alleen een opstap naar schilderen.
Het is ook een volwaardige, rijke en tijdloze kunstdiscipline die op zichzelf staat.
Coba Ritsema, een vergeten meester
Coba Ritsema: een vergeten meester in de schijnwerpers
Coba Ritsema (Haarlem, 1876 – Amsterdam, 1961) was een Nederlandse kunstenares wiens werk in haar eigen tijd aanzien genoot, maar die nadien helaas grotendeels buiten de aandacht is geraakt. Het Frans Hals Museum organiseert van 19 september 2025 tot en met 1 maart 2026 haar solotentoonstelling onder de titel “Coba Ritsema. Oog voor kleur”.
De tentoonstelling toont in totaal 35 kunstwerken — schilderijen, pasteltekeningen — vaak aangevuld met contextmateriaal en werken van tijdgenoten zoals Lizzy Ansingh, George Hendrik Breitner en Kees Verwey.
In 2026 wordt herdacht dat het 150 jaar geleden is dat Ritsema geboren werd en 75 jaar sinds een eerdere jubileumtentoonstelling in Haarlem.
De huidige tentoonstelling beoogt haar werk te revalideren.
Tekenen waar het pijn doet
Terug naar binnen – over mijn vrije werk en de beelden die daarin ontstonden
Wie mijn werk kent, kent vooral mijn portretten: het aandachtige kijken, het zoeken naar nuance, naar wie iemand ís voorbij de eerste blik.
Portretten maken geeft me houvast; het is een dialoog met de ander, een vorm van stille nabijheid.
Maar er is een ander gesprek – dat met mezelf.
In 2022 ben ik, onder begeleiding van Francis Kilian van Traject Blikopener, begonnen aan dat proces .
Francis begeleidde mij in het maken van vrij werk, maar eigenlijk hielp ze me om door de buitenlagen heen te zakken: naar dat wat ik niet durfde en kon tekenen, naar de verhalen die in mijn lichaam liggen opgeslagen.
Voor mij betekende dat teruggaan naar mijn jeugd – een periode waarin pijn, verwarring, angst maar ook kinderlijke vreugde meer aanwezig zijn in gevoel dan in woorden.
Tekenen zonder plan
De tekeningen die tijdens dit proces ontstonden, zijn niet bedacht. Ik probeerde niet te illustreren wat vroeger was, maar stond mezelf toe om te tekenen wat zich aandiende. Soms was het een houding, soms een gevoel, soms een beeld dat ik zelf pas na afloop begreep.
Er zit altijd een kind in de tekeningen, en altijd een volwassen lichaam dat draagt, buigt, knielt of gebroken ligt. Het zijn geen letterlijke herinneringen, maar innerlijke beelden – symbolen van wat een kind probeert te dragen en wat een volwassene blijft meedragen.
Het meisje dat in deze tekeningen verschijnt is niet alleen “ik toen”; het is ook mijn innerlijke kind nu, dat nog steeds probeert te begrijpen maar ook weet wat kinderlijke vreugde is.
De volwassene is het lichaam dat al die ervaringen verder heeft gedragen.
Het landschap dat in mij leeft
In enkele tekeningen staat het kind in een bosachtig decor. Het zijn geen echte plekken uit mijn jeugd, maar wel de sfeer ervan: donker, stil, groot en soms bedreigend. De natuur werkt daarin als een spiegel van hoe het kind zich voelt – verloren, zoekend, het witte schaapje dat soms opduikt is warm en troostend.
Ook tekende ik mezelf als kind met een schetsboek. Mijn vader kocht voor elk kind een schetsboekje, en waar wij ook kwamen tekenden we.
In de dierentuin, op de hoge Veluwe, in het openlucht museum.
Tekenen, schilderen en het bezoeken van musea was een belangrijk onderdeel van onze jeugd.
Over smaak en kwaliteit
Over smaak, kwaliteit en de misverstanden rond het portret
“Ja, maar iedereen heeft toch een andere smaak?”
Die zin hoor ik vaker dan me lief is wanneer iemand voor een portret blijft staan. Het klinkt vriendelijk, tolerant zelfs. Alsof we over ijsjes praten: jij vanille, ik pistache — ieder z’n voorkeur. Maar zodra het over schilderkunst gaat, en zeker over portretschilderkunst, wordt die kreet vaak een schild tegen elke vorm van inhoudelijk gesprek.
Alsof kwaliteit niet bestaat, alsof alles even goed is zolang iemand het maar ‘mooi’ vindt.
Toch is dat een misverstand. Een portret is geen decoratie, geen behang met een gezicht. Er zijn duidelijke, ambachtelijke criteria waaraan een goed portret voldoet: een evenwichtige compositie, juiste toonwaardes, overtuigende kleuren, en vooral — een doordachte verhouding tussen gelijkenis en interpretatie. Dat zijn geen persoonlijke meningen, maar bouwstenen van beeldende kwaliteit, zoals grammatica dat is voor taal.
Een schilder die een gezicht vangt, beweegt voortdurend tussen twee polen: het moet lijken — want anders mist het zijn anker in de werkelijkheid — maar het mag ook vrijheid ademen in verf, expressie, kleur en toon. Juist in dat spanningsveld ontstaat iets bijzonders: de ontmoeting tussen model en maker, tussen herkenning en verbeelding.
Dat is waarom het zo frustrerend kan zijn om over portretkunst te praten in termen van alleen maar ‘mooi’ of ‘lelijk’. Een schilderij kan technisch zwak zijn, slecht getekend, vlak van toon en toch “aangrijpend” worden genoemd, puur omdat iemand het ‘lief’ vindt. Terwijl een krachtig geschilderd werk met sterke vorm, toon en durf soms wordt afgedaan als “raar” of “onnatuurlijk”.
De zin “Iedereen heeft een andere smaak” maakt elke discussie meteen dood. Alsof er niets meer te begrijpen valt. Terwijl kijken juist een vaardigheid is — iets wat je kunt trainen, net als schilderen zelf. Wie leert zien, ontdekt dat een goed portret niet alleen lijkt, maar ook klopt: in verhouding, ritme, spanning, in de manier waarop licht en kleur met elkaar spreken.
Smaak is persoonlijk, ja. Maar kwaliteit is universeel herkenbaar — als je tenminste bereid bent verder te kijken dan dat eerste oordeel.
Cody poseert! Een kleine Deventenaar in het atelier
Cody, 10 maanden oud, geschilderd op een mdf-paneel van 25 x 25 cm met olieverf door Claar van Leent.
In het atelier: leren schilderen is leren kijken
Zie de lessen als een leerperiode
Als je bij mij portretlessen komt volgen, stap je niet in een traject waarin je na vijf zaterdagen met een voltooid portret naar huis gaat.
Nee — je stapt in een leerperiode.
Een periode waarin je leert kijken, onderzoeken, proberen, mislukken en opnieuw beginnen.
We werken steeds aan vorm, toon en kleur.
Ik leg uit, ik doe het soms voor, en ik leg opnieuw uit. Alles draait om begrijpen wat je ziet — niet om een snel resultaat, maar om het proces.
Want juist daar, in dat proces, zit de groei.
Schilderen in de geest van de meester
Links: het zieke kind van Antonio Mancini. Rechts: mijn studie van dit portretje.
Zes Kunstenaarsdorpen
Schilderachtige ontmoetingen in het Katwijks Museum
In het Katwijks Museum komen deze maanden de verhalen van zes beroemde kunstenaarsdorpen samen.
Van de zilte luchten langs de Noordzee tot het verstilde licht in het binnenland: overal vonden schilders hun inspiratie in het landschap, het dagelijks leven en de kracht van de natuur.
De vlotte toets van de impressionisten
De vlotte toets van de impressionisten: meesterschap in eenvoud
Suzanne Valadon versus Berthe Morisot
Twee uitersten in de vrouwelijke kunstgeschiedenis
Wanneer we kijken naar de rol van vrouwen in de kunstgeschiedenis van de 19e en vroege 20e eeuw, springen twee namen direct in het oog: Berthe Morisot (1841–1895) en Suzanne Valadon (1865–1938).
Beide vrouwen wisten zich een plaats te verwerven in een door mannen gedomineerde kunstwereld, maar hun achtergrond, positie en schildertechniek konden nauwelijks verder uit elkaar liggen.
Valadon en Morisot hebben elkaar waarschijnlijk nooit ontmoet, er zijn elk geval geen bronnen die dat contact bevestigen. Het ligt wat betreft hun milieu ook niet voor de hand maar de belangrijkste reden is waarschijnlijk dat Berthe in 1895 overleed (ze werd slechts 54 jaar)en Suzanne toen net begon met schilderen. Wel hadden ze allebei contact met de schilder Edgar Degas.
Scrollen & Swipen
We leven in een tijd waarin ons oog getraind is op snelheid. Met één beweging van de vinger schuiven honderden beelden voorbij.
Even kijken, een seconde aandacht, en alweer door naar het volgende.
Een schilderdag vol kleur, focus en plezier
Wat een heerlijke dag was het! Samen met mijn collega-portretschilders Carla Klein Goldewijk en Janneke Bruininga mocht ik weer eens ervaren hoe inspirerend het is om met gelijkgestemden te werken.
We hadden het geluk te kunnen schilderen met live model Eyerusalem Tibebe, die met haar prachtige en rustige uitstraling ons inspireerde.
De sfeer zat er al snel in: verf, penselen, doek, muziek op de achtergrond en 'de vieze en lekkere chocola' van Carla.
Het kon niet beter.
Meten, de opzet van een portret
De verhoudingen van het hoofd: organisch schilderen zonder eindeloos meten
Veel cursisten vragen zich af: hoe krijg ik de verhoudingen van een hoofd goed op papier zonder dat ik mezelf verlies in eindeloos meten?
Want natuurlijk wil je een gelijkend portret, maar je wilt ook schilderen met vrijheid en schwung.
Een paar basismetingen
In mijn lessen hanteer ik een paar metingen die je kunt gebruiken als houvast.
Zie het als een kapstok waar je de rest organisch omheen bouwt.
-
Ogen op de helft: De ogen zitten niet – zoals veel beginners denken – bovenin het gezicht, maar precies in het midden van de schedel, gemeten van kin tot kruin.
- Vervolgens komt de verticale as in het gezicht.
- Daarna meet je de lengte van het gezicht ten opzichte van de breedte.
Verder opbouwen
Met deze summiere metingen heb je de basisstructuur en kan je verder de hoogte van de oogkassen, neus, mond en oren situeren door te observeren. Ook door het veel te doen, ontwikkel je er gevoel voor.
Als de compositie staat en de hulplijnen van oogkassen, onderkant neus en aanduidingen van mond en oren kan je naar de volgende fase.
Licht en schaduw
Nu kan je het portret gaan verdelen in licht en schaduw, ook in deze verdeling zit de gelijkenis van het model. Veel beginners denken dat het om perfecte monden, ogen en neuzen gaat, maar de bouw van de schedel bepaalt in grote mate de gelijkenis. Door het vastleggen van licht en schaduw bereik je dat.
Het duurt altijd even voordat cursisten dat begrijpen, het is namelijk ook echt een andere manier van kijken.
Bij de één valt het kwartje sneller dan bij de ander. Want iedereen heeft zo zijn eigen leerproces.
Het Zornpalet – de kracht van eenvoud in kleur
Als schilder kom je vaak in de verleiding om je palet vol te leggen met allerlei prachtige kleuren. Hoe meer, hoe beter, zou je denken.
Maar juist de beperking kan verrassend veel vrijheid geven. Een mooi voorbeeld daarvan is het Zornpalet, genoemd naar de Zweedse schilder Anders Zorn (1860–1920).
Wat is het Zornpalet?
Het klassieke Zornpalet bestaat uit slechts vier kleuren:
Titaanwit
Gele oker
Cadmiumrood
Ivoorzwart
Op het eerste gezicht een bescheiden selectie, maar dit palet biedt een enorme rijkdom aan kleurnuances. Het lijkt misschien beperkt, maar juist door deze beperking leer je écht naar kleur te kijken en subtiele variaties te ontdekken.
Toon & Chroma
Toonwaardes en chroma
Deze twee begrippen vormen de basis en zijn onlosmakelijk verbonden als het gaat om het schilderen van een portret.
Om er goed begrip van te krijgen behandel ik eerst de toonwaardes in de cursus en daarna voeg ik de kleur eraan toe.
Ik leer cursisten stap voor stap hoe je deze elementen kunt gebruiken.
Wat zijn toonwaardes?
Met toonwaardes bedoelen we de licht-donker verhoudingen, oftewel, de grijswaarden.
In de cursus oefenen we met het vertalen van wat je ziet naar duidelijke schaduw/lichtgroepen.
Het begint met goed en rustig kijken: waar valt het licht, waar zijn de schaduwen, en waar zie je de grens.
Als je verhoudingen dan ook nog eens goed zijn, komt de gelijkenis van de geportretteerde al opdoemen.
Klinkt eenvoudig en dat is meteen de eerste valkuil. Cursisten willen vaak te snel door, en denken dat wel tijdens het proces te 'fixen'.
Gegarandeerd verdwaal je en loop je vast.
Ik probeer cursisten af te remmen, wat best moeilijk is met al dat enthousiasme.
Kijken, kijken en rustig aan opbouwen, we hebben de tijd . . . dat is mijn mantra.
Hoe zet ik een portret op?
Drie fases van een portret
Hoewel ik zelf inmiddels een andere, lossere manier van schilderen heb ontwikkeld, gebruik ik in de cursus nog steeds een gefaseerde methode.
Dit zijn overzichtelijke, maar niet meteen makkelijke stappen.
Ze helpen om de grote lijnen te leren zien, voordat er aandacht komt voor nuance en detail.
Fase 1 – Compositie, de opzet in lijnen
Eerst de grote vormen en verhoudingen. Het gaat niet om details, maar om de basisstructuur van het hoofd.
Een proefles volgen
Een proefles voor de portretcursus schilderen
Misschien schilder je al wat langer en wil je je verdiepen in het portret, of ben je juist een beginner die zich aangetrokken voelt tot de uitdaging van een gelijkend portret.
Wat je situatie ook is: een proefles biedt je de ideale kans om te ervaren wat een schildercursus portret inhoudt.
Waarom een proefles zo waardevol is
Een proefles geeft je in korte tijd een goed beeld van de manier van werken, de sfeer in het atelier en de aanpak van mij als docent. Portretschilderen is geen eenvoudige bezigheid: een gelijkend portret vraagt om kennis van verhoudingen, toonwaardes en kleur. Tijdens een proefles kun je zonder druk proeven van de methode en ervaren of deze manier van leren bij jou past.
Twee vrouwen, twee levens, twee boeken
Wie deze zomervakantie nog zin heeft in meeslepende verhalen met kunst en geschiedenis, wil deze twee romans van Tineke Hendriks niet missen. Ze brengen twee bijzondere Nederlandse kunstenaressen tot leven, elk met haar eigen strijd, dromen en unieke blik op de wereld.
Waar kleur is, is leven voert je mee in het leven van Bep Rietveld, dochter van meubelontwerper Gerrit Rietveld, maar vastbesloten om haar eigen pad te kiezen. Met lef, toewijding en een honger naar kleur schildert Bep vooral portretten. Haar verhaal is er één van bevlogenheid, maar ook van de persoonlijke offers die kunst soms vraagt.
In De zee, de zee alleen ontmoeten we Betzy Akersloot-Berg, een eigenzinnige kunstenares die haar hart heeft verpand aan de zee.
Het gaat hier dus niet over portretten, maar wel over gezichten . . . namelijk zeegezichten.
Van de Noorse kust tot het eiland Vlieland volgt de lezer haar avontuurlijke leven, waar ze de ruigheid en schoonheid van het water en de kust op doek schildert. Haar verhaal bruist van vrijheid, passie en de moed.
Beide boeken lezen lekker weg, zijn rijk aan historische details en kunstzinnige beschrijvingen. Ideaal voor wie op vakantie niet alleen wil ontspannen, maar ook even in de huid van bijzondere vrouwen wil kruipen.
Met deze romans heb je niet alleen een mooi verhaal, maar ook een dosis inspiratie.
Portretlessen in het Atelier
Wat je leert
Compositie, licht en schaduw, toonwaarden, chroma of saturatie, werken met het beperkt palet (Zorn)
toets, overgangen, het komt allemaal aan bod.
Schilderen naar levend model
Elke zaterdag schilder je naar levend model.
Je maakt foto's als aanvullend referentiemateriaal (voor als je je portret later wilt gaan uitwerken)— niet om alles letterlijk na te schilderen, ik zal je uitleggen waarom.
Inspiratie uit de kunstgeschiedenis en nu
We bespreken voorbeelden —als leermateriaal om inzicht te krijgen in werkwijzen en keuzes.
Klassiekers: Isaac Israëls, George Hendrik Breitner, John Singer Sargent, Anders Zorn, Berthe Morisot, Édouard Manet, Lucian Freud, Goya.
Hedendaags: Ray Turner, Rogier Willems, David Shevlino, Mustafa Özel, Svetlana Tartakovska en anderen.
Je ziet hoe grootheden omgaan met toon, toets en emotie — en hoe je daarvan je eigen route kiest.
Voor wie is deze cursus?
Een beetje ervaring met olieverf (of wateroplosbare olieverf) en portret is een pré, maar niet strikt noodzakelijk.
Ben je helemaal blanco? Begin dan met tekenen in houtskool en daarna met schilderoefeningen (wit + omber) om verhoudingen en licht/schaduw te leren zien voordat je in de kleur duikt.
De cursus is vooral ook voor mensen die fouten durven te maken en niet persé op de cursus een "mooi en af" portret willen schilderen. Door veel uit te proberen, en fouten te maken leer je meer en vaak ook sneller.
Serieus leren portretschilderen
Een serieuze maar ook leuke cursus
Altijd al willen weten hoe je een écht overtuigend portret maakt? Mijn cursus portretschilderen is geen snelle ‘kom en neem je meesterwerk mee naar huis’-workshop, maar een intensieve reeks studiedagen waarin je echt de diepte ingaat. Vijf zaterdagen lang werk je aan portretten, elke dag met een ander model, zodat je leert kijken, analyseren en verf vertalen naar vorm en kleur.
Ervaring welkom (maar geen strikte eis)
Enige ervaring met olieverf en portret is wenselijk – zo haal je het meeste uit de lessen – maar ook als je nog niet heel gevorderd bent, of een echte beginner, kun je meedoen. Wat telt, is dat je leergierig bent en bereid om te experimenteren. Ik adviseer je dan wel om eerst te gaan tekenen met houtskool en/of te gaan schilderen met wit en omber.
Goed gelijkende en persoonlijke portretten komen pas na jaren oefenen; in deze cursus draait het vooral om het proces, niet om het eindresultaat.
Een klein portretatelier in Diepenveen
Diepenveen, makkelijker te bereiken dan je denkt
Mijn atelier bevindt zich in Diepenveen, een klein rustig dorp net boven Deventer.
En het fijne is: je bent er sneller dan je denkt.
Dankzij de centrale ligging van Deventer is mijn atelier vanuit heel Midden- en Oost-Nederland goed bereikbaar, met de auto én de trein.
Waar mijn cursisten vandaan komen
Ze komen uit alle windstreken: Overijssel, Gelderland, Utrecht, Flevoland, Drenthe en zelfs af en toe uit Noord-Holland of Noord-Brabant. De meesten zijn binnen een uur in Diepenveen.
Steden dichtbij
Een greep uit de steden die allemaal binnen zo’n 75 kilometer liggen:
-
Zwolle – met de auto of trein nog geen half uur.
-
Arnhem – rechtstreeks, zo’n drie kwartier.
-
Apeldoorn – praktisch buren, een klein ritje.
-
Enschede – iets verder, maar goed te doen.
-
Utrecht – met de trein in iets meer dan een uur, met de auto anderhalf.
-
Amersfoort – zo’n 45 minuten.
-
Nijmegen – via de A50, een mooie route.
-
Lelystad – goed bereikbaar via de A6.
-
Almelo & Hengelo – dichtbij en makkelijk per trein.
-
Doetinchem – een schilderachtig ritje door de Achterhoek.
Portretschilderen in mijn atelier in Diepenveen
Portretschilderen in mijn atelier in Diepenveen
Portretschilderen is misschien wel één van de lastigste vormen van schilderkunst. Een boom ziet er al snel uit als een boom, een hond herken je meteen als hond, en je schildert een kat gelukkig zelden per ongeluk als een paard. Maar een gezicht… dat is andere koek. Dan komt het erop aan. Het gaat om gelijkenis, maar ook om de levendigheid, de uitstraling, de lichtval en de subtiliteit van kleuren.
Veel mensen onderschatten dat. Ze denken: "Ik volg even een cursus portretschilderen, dan kan ik het." Maar zo werkt het helaas niet.
Portretschilderen vraagt oefening, aandacht, geduld en vooral: tijd. En ja, ook een zekere frustratie hoort erbij.
Portretmeesters in de Kunstgeschiedenis
Portretschilders door de eeuwen heen – van klassieke meesters tot moderne schilders
Portretschilderen is misschien wel één van de meest intieme genres binnen de schilderkunst. Eeuwenlang hebben kunstenaars geprobeerd niet alleen het uiterlijk, maar ook de ziel van hun onderwerp te vangen. Van de klassieke schildermethode tot het impressionisme, expressionisme, fauvisme en hedendaagse benaderingen: elke tijd heeft zijn eigen meesters voortgebracht. Laten we eens kijken naar een aantal iconische portretschilders en hun unieke bijdrage.
De klassieke meesters: vakmanschap en precisie
In de 16e eeuw werd portretkunst naar nieuwe hoogten getild door kunstenaars als Titiaan en Sofonisba Anguissola. Titiaan stond bekend om zijn rijke kleuren en subtiele overgangen in huidtinten, een kenmerk van de klassieke schildermethode.
Sofonisba Anguissola, één van de eerste internationaal erkende vrouwelijke portretschilders, bracht een vernieuwende, persoonlijke benadering in haar werk, waarin psychologie en verfijnde techniek hand in hand gingen.